donderdag 1 juli 2010

Archeologische vondst met kraanvogel in Gent

Onderzoekers van de Gentse Dienst Stadsarcheologie hebben op het pleintje voor de Onze-Lieve-Vrouw Sint-Pieterskerk een monumentale plaat met de voorstelling van een grote vogel ontdekt. De plaat werd gevonden tijdens opgravingen rond de funderingresten van de middeleeuwse abdijkerk. Die bidplaats werd in de 17e eeuw door de nog bestaande barokkerk vervangen. De monumentale plaat van Doornikse steen was hergebruikt in de basis van een pijler die de middenbeuk van de zuidelijke zijbeuk scheidde. De grote vogel bleek een getrouwe voorstelling van een kraanvogel te zijn. De archeologische vondst leidde tot een aantal vragen. Vanwaar was die grote natuurstenen plaat afkomstig? Waarom werd er een grote vogel op afgebeeld? Wat was de betekenis van die voorstelling en wat had dat te maken met de Gentse Sint-Pietersabdij? Samen met externe specialisten zoals natuurwetenschapper Dr. Anton Ervynck (Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed, Brussel), historicus Daniel Lievois en Dr. Baudouin Van den Abeele (U.C.L., Louvain-la-Neuve) gingen de Gentse stadsarcheologen verder op zoek en probeerden zij via voortgezet onderzoek een antwoord te vinden op de vragen die vanuit de opgravingen zelf niet konden worden beantwoord.

Het zeer ingewikkelde en veel omvattende onderzoekswerk leidde tot verrassende ontdekkingen die te maken hebben met gebouwen en monumenten, met heraldiek en feodaliteit, met abdijgeschiedenis en natuur. Eeuwenlang fungeerde de kraanvogel immers als schildhouder van de Sint-Pietersabdij en de Sint-Pietersheerlijkheid en dit werd in tal van sculptuurversies aan gebouwen geafficheerd. Maar ook in geïllustreerde geschreven bronnen vindt men wapenschilden van de abdij en van abten geflankeerd door de kraanvogels. In Vlaanderen verblijft de kraanvogel niet meer, maar dit was eeuwen geleden wel anders. Niet alleen vlogen ze over dit gebied met vele duizenden, ook in woord en beeld kregen die grote, intrigerende vogels een plaats. De graad van realisme is zeer verschillend. Uit een aantal getuigenissen blijkt echter ook dat de vogels hier genest hebben en dat men ze soms van dichtbij kon zien. Dat moet het geval geweest zijn voor de steenhouwer die de vogel natuurgetrouw in een plaat van Doornikse steen beeldhouwde. De plaat fungeerde wellicht als een van de schildhouders voor een wapenschild op een monumentale abdijgevel. Uit de gedetailleerde waarnemingen van het stuk zelf blijkt trouwens dat er heel wat slijtagesporen zijn die van voor het hergebruik in de pijlerconstructie dateren. Dat laat vermoeden dat de monumentale steen met de vogel al een eerste hergebruik kende op een plaats die druk werd betreden, mogelijk in de bevloering van de kerk. Bij de herstelwerken na de grote abdijbrand van 1378 kwam hij in de fundering van een nieuwe pijler terecht.

De bevindingen van het onderzoeksteam rond de Gentse kraanvogel worden voor het eerst gepubliceerd in een themanummer van Monumenten, Landschappen en Archeologie (jaargang 29 nr. 3). Dat tweemaandelijkse tijdschrift, een uitgave van Ruimte & Erfgoed van de Vlaamse Overheid ( website www.menl.be), behandelt onderwerpen die met monumenten, landschappen en archeologie te maken hebben. Het volgt tevens de actualiteit in deze drie beleidsdomeinen op. De nieuwe wetenschappelijke kennis wordt erin gebracht in bijdragen die ruim toegankelijk en goed geïllustreerd zijn. Zo ook dus voor dit themanummer rond de Gentse kraanvogel en de zeer veelzijdige resultaten van het onderzoeksproject. Het themanummer kan binnen een abonnement worden aangevraagd, maar wordt tevens als los nummer aan 7 euro te koop aangeboden in de Kunsthal Sint-Pietersabdij.

Door het eeuwenlange verblijf in de bodem is de plaat met de kraanvogel zeer broos geworden. Dat betekent dat weloverwogen ingrepen noodzakelijk zijn om hem blijvend te conserveren. Elke ingreep betekent ook informatieverlies over de geschiedenis van het stuk en daarom moeten de ingrepen heel precies en door gespecialiseerde restaurateurs gebeuren. De Kunsthal Sint-Pietersabdij won daarvoor al de nodige expertise in en zette de eerste stappen voor een conserverende behandeling. De plaat is nu met de nodige omzichtigheid overgebracht naar de kapel bij de noordelijke pandgang. Daar kan het publiek hem bekijken en zal iedereen ook de conservatiebehandelingen, voorzien in het najaar 2010, van dichtbij kunnen volgen.

De themapublicatie en conservering vormen geen eindpunt voor de Gentse kraanvogel. Aan de onderzoekers wordt nu al gevraagd om de resultaten van het onderzoek te publiceren in buitenlandse tijdschriften en de nieuw verzamelde kennis een nog veel ruimere verspreiding te geven. Maar ook de Kunsthal Sint-Pietersabdij gaat verder met de nieuwe kennis. Voor het najaar van 2012 plant Kunsthal Sint-Pietersabdij een cultuurhistorische tentoonstelling die het verhaal van de kraanvogel zal visualiseren en de interdisciplinaire benadering ervan zal uitvergroten. Nadien krijgt de kraanvogel een afzonderlijke definitieve plaats in het bezoekerscircuit van de voormalige Sint-Pietersabdij. Hij krijgt zo een duurzame toekomst na een eeuwenlang onbekend verblijf in het Gentse bodemarchief.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Opmerking: Alleen leden van deze blog kunnen een reactie posten.